Bart en Bart

wie is wie?

Hoewel we helemaal niet van plan waren de grote Bart de Graaff-memorial-uitzending te gaan bekijken vanavond, kwamen we er na wat gezap toch terecht. Iedereen, die met hem heeft gewerkt en dat waren er nogal wat, vertelde daarover. We zagen fragmenten met Bart als heel serieus mens, als superirritant manneke, als, naar mijn smaak, vér over de schreef gaand figuur, maar ook als erg leuk, adrem en grappig. Hij deed het toch allemaal maar met dat rottige lijf van ‘m. Durfde van alles en ging maar door. Paar maanden ziekenhuis en daar wás ie weer!

Maar je mag best weten, dat ik een poosje een gloeiende hekel heb gehad aan dat koppie! Wat nu bij mij overheerst is respect. Voor het doorzetten van z’n plannen, zijn meest krankjoreme ideeën, waar hij zelfs de politiek glimlachend in mee kreeg. Iedereen, die je over hem hoorde vertellen, zal hem best missen daarom. Ik ben geen BNN-fan, die leeftijd voorbij ook, maar ineens viel me op hoe ze op elkaar lijken: Bart de Graaff en Bart Simpson. Ze kunnen wel model gestaan hebben voor mekaar, de Bartjes!


Nieuwe buren

Werken in de zorg!

De familie Turdus Merula is op nog geen 50 centimeter afstand van onze keukendeur in onze heg komen wonen. Inderdaad, een nest merels. Hoe die beesten het in ’s hemelsnaam in hun koppies hebben gehaald om hun kroost op zo’n onrustige plek te huisvesten is ons een raadsel. Helemaal nu het mooi weer is staat de deur vaak open. Bovendien hebben we een hordeur, die, als je ‘m een beetje onhandig laat schieten en dat gebeurt me nogal eens, met een harde klap terugslaat. De aanvliegroute is ongelukkig gekozen, want wij zitten aardig in de weg als we buiten koffiedrinken en buitenom vliegen is ook niet echt een optie, want we wonen op een hoek en er is langsrijdend verkeer, spelende kinderen en andere drukte.

Toch vliegen vader en moeder merel ijverig langs ons heen om de hongerig piepende kleintjes met wormpjes en zo de bekjes te snoeren. Ik heb ze ook al gezien, de jonkies, want door een takje weg te buigen kun je ze zo zien zitten, die pluizige bolletjes. Leuk. Maar eigenlijk moet de heg nodig geknipt worden. Nou, dat moet in ieder geval maar even wachten tot de familie is uitgevogeld, want dat kunnen we ze niet aandoen. En als het de merel is, die tegen de schemering zo prachtig zat te zingen in onze berk, dan zijn we hem wel wat verplicht!

Ik denk, dat we de laatste tijd teveel van huis zijn geweest en zo de indruk hebben gewekt, dat onze tuin een rustig oord was, waar je ongestoord een nest kon bouwen op anderhalve meter van de grond en een halve meter van die nu veelgebruikte achterdeur. Het worden vast neurotische adhd-vogelkindertjes met al dat geloop van ons zo dichtbij. Maar ja, om nou elke keer als we in de schuur moeten zijn via de voordeur heen en weer te moeten, dat is ook weer zo wat. We zijn al lid van de dierenbescherming, hoor, dat moet maar genoeg zijn. Pa en moe Turdus geboren Merula zijn daar tenslotte zelf gaan zitten, toch?


Verhuizen is leuk?!

als ik maar niet hoef nu!

Aan de overkant van onze straat zijn maar liefst twee huizen naast elkaar verkocht. De hele winter te koop gestaan, maar toch, vandaag verhuisde de laatste familie. In het andere huis zijn de mensen al weken bezig het hele huis te schilderen en te behangen. Meestal in de avonduren en in het weekend. Het ziet er ijverig uit allemaal en als je ziet met hoeveel precisie de randjes van de ramen worden geverfd, tong uit de mond bij de schilders, hoofd aandachtig scheef gehouden, het moét gewoon wel goed worden, kan niet anders. Het werkt wel lekker in een leeg huis, schilderen in een bewoond huis is veel lastiger. Waar laat je de boel en waar laat je de mensen?Het ziet er best gezellig uit aan de overkant. Plastic tuinstoeltjes in de kamer, er wordt regelmatig pauze gehouden met ’n pilsje en zo te zien is er veel hulp. Ik gluur niet, hoor, maar ja in zo’n “doorzichtig” huis zie je wel es wat!

Wij wonen in ons tiende huis. Een respectabel aantal adressen versleten dus. In dit huis wonen we alweer 17 jaar, het langst van al onze huizen. We heten Pasveer, maar werden in de kring van vrienden en collega’s de familie “Verkasweer” genoemd. Ja, dat krijg je d’r van. Arme kinderen, vaak naar een andere school. Hoe erg ze dat hebben gevonden, weet ik niet echt. Deze pagina zou ons echt geholpen hebben, maar ja, we deden ons best. Het heeft de leerprestaties niet echt beïnvloed, een keertje zittenblijven had er toch wel ingezeten misschien. Zo maak ik mezelf maar wijs. Je moet toch wát. Ze hebben zich steeds goed aangepast en het is een keer voorgekomen, dat ze zelfs weer terugkwamen op hun oude schooltje.

Toen we 25 jaar getrouwd waren hebben collega’s een stuk opgevoerd op ons feest, waarbij we van de ene kant van de zaal naar de andere werden gesleept, samen met allerlei dozen en verhuisspullen, omdat ze wilden aangeven hoe dat verhuizen van ons ze de keel uithing, want de “verhuisploeg” kwam wel altijd uit hun gelederen!

Verhuizen, hoewel het feit, dat we zo váák verhuisd zijn niet altijd met leuke omstandigheden te maken had, ik heb het eigenlijk altijd wel aardig gevonden. Het weer inrichten van je nieuwe stek met je weliswaar ouwe spullen, die ergens anders toch weer net even anders uitkwamen, nieuw verfje, nieuwe gordijnen (want de oude pasten nooit), ik vond het wel wat hebben.

Of het nog eens zal gebeuren, ik weet het niet. Een bejaardenhuis, daar krijgen ze me niet in en misschien bestaan die over een tijdje wel niet meer wegens personeelsgebrek. Weet je wat? Zet mij maar als een ouwe indiaan onder een boom in het bos tegen die tijd……..


Kringloop….


komt dat zien, komt dat zien!

In onze familie vindt een levendige ruilhandel plaats van kleding. Bij het vrouwelijke deel van de familie dan, want de mannen dragen wat de vrouwen voor ze uitzoeken en als die vinden, dat iets écht niet meer kan, dan verdwijnt het vanzelf. Het interesseert die mannen niet zo erg en ze vinden het prima geregeld zo. Lars is eigenlijk de enige, die het helemaal zelf regelt. Die heeft ons niet nodig. Zo nu en dan vinden er dus modesessies plaats, de plaats van handeling wisselt, waarbij de buit wordt verdeeld. Als tantes, zussen of dochters weer eens de kast hebben opgeschoond levert dat leuke spullen op. Er wordt door diverse dames redelijk chic ingekocht, zodat het de moeite waard is om bij de show aanwezig te zijn! En we hebben het allemaal kunnen lezen: de Nederlandse economie stagneert een beetje, dus tel uit je winst.

Dat doorgeven van spullen deden we trouwens vroeger ook al, hoor, met de familiaire babybenodigdheden. Boxen, kinderwagens, wiegjes, bedjes en ook kleertjes, waar een beetje baby in een paar weken of maanden is uitgegroeid, daar was zo’n kringloop reuzehandig voor. De kindjes zagen er altijd goed uit en lagen er netjes bij.

Op de middelbare school was het in de tijd van mijn dochters ook heel gewoon, dat je kleren van elkaar leende. Hadden ze ineens een flitsend jasje aan, dat echt niet van het karige zakgeld kon zijn gekocht en dat bijbaantje leverde nou ook weer niet zóveel op, en dan bleek het van een vriendinnetje te zijn. Na een avondje disco ging het weer terug naar de rechtmatige eigenaar. Tot iemand anders weer iets spetterends had gekocht. Je kon het toch niet vaker dan één keer aan, als het érg spetterend was, dus over economie gesproken!

Nu ze ouder zijn vinden ze het “zonde” om iets zomaar weg te doen als het veel geld heeft gekost en zo hoort het ook. Dan geef je het door aan je familie. Na verloop van tijd is het Leger het laatste adresje, nou, dan komt het toch nog helemaal goed terecht…..?


Pinksteren…?

bijbel.gif ? Dat kan toch niet de bedoeling zijn?

Het zal wel erg stom zijn, maar ik kon er gisteren niet opkomen wat Pinksteren in het Engels was. In het Frans weet ik het, in het Duits ook, maar wat is het nou in het Engels? Mijn familieleden vragen hielp ook niet, die wisten ook niet waar Pinksteren eigenlijk voor stond. Ja, twee dagen vrij. Leuk. Mooi weer ook nog, maar verder? Ik heb er een lesje bijbelkennis tegenaangegooid: “uitstorting van de Heilige Geest”, jongelui! Verder weet ik ook alleen maar, dat ik vroeger op school de verhalen van de eenmaal per week verschijnende dominee op de verder openbare school, prachtig vond. Bovendien moest er in het uurtje, dat die man kwam vertellen en je ouders dat niet zo zagen zitten, gerekend worden, dus ik was allang blij. Voor uitleg van de betekenis van Pinksteren voor de mensheid moet je niet bij mij zijn, het is alleen feitenkennis.

Nou, ik heb het woordenboek er maar even bij gepakt: Whitsuntide is Pinksteren in het Engels. Dat klinkt als ’n soort zonnewende of zo en niet zo erg christelijk. Het is vandaag trouwens Whit Monday, weten we dat ook weer.

Gisteren las ik bij Puck, dat je gezellig je datum van doodgaan kunt opvragen bij The Death Clock. Nou, dat leek me ook wel wat. Ik zit er, fysiek gesproken in natuurlijke omstandigheden dichter bij dan zo’n jonge blom, maar mensen, ik heb nog 27 jaar om mijn familie te vervelen! Ze schrokken er niet echt van, maar ik vind het zelf wel een geruststellend idee, want ik heb nog een boel te doen.

Klinkklare onzin , die site, hoe kóm je d’r op! (Ja, door erop te klikken, hè, hè…) Maar ik aarzelde toch even! Wil ik ’t wel weten? Ik voel me kiplekker, dus waarom zou ik? Bij het invullen van het blokje “mode” heb ik optimistic ingevuld, want dat ben ik over het algemeen wel. Dus ik dóe d’r best wel wat aan, hoor! Olijfolie, bruinbrood, niet ál teveel koffie, rauwkost, vitamientjes, beweging, bloeddruk in de gaten houden…nee,…ik red het nog wel 27 jaar……


Je hoéft toch niet alles te kunnen?

daar hebben wij toch helemaal geen verstand van?

Ons “werk” van de afgelopen weken bestond eruit, dat we de gasten van het hotel/pension van onze vrienden aangenaam bezighielden met een muziekprogramma. We hebben met de toevallig aanwezigen een koor gevormd, waarvoor we een programma bij elkaar hadden gebracht van naar ons idee aardige muziek. Geen “kampvuur”-repertoire, want daar houden we zelf niet van en dat spul is zo zoetjesaan ook aardig achterhaald, maar wat cabaret-achtige stukken, waar ook wat acteertalent van de uitvoerenden wordt verlangd. Er zijn ook best wel pittige partijen ingestudeerd en aan het eind van elke week stond er een koor, dat klonk als een klok! Iedereen wist, dat we maar een week bij elkaar waren om iets te doen, dus de concentratie was hoog.

Er was een alternatief voor niet-zangers, omdat ook Dick Tasma uit Nijmegen aanwezig was, beeldend kunstenaar, die aan mensen die wilden tekenen en/of schilderen waardevolle adviezen gaf. Zo hadden we aan het eind van een week een expositie, omlijst met de uitvoering van ons koor. De kinderen hadden hun eigen bijdrage . Elke week een nieuwe groep mensen.

Het was oorspronkelijk de bedoeling, dat wij de kinderen ook onder onze hoede zouden nemen, maar we hebben moeten constateren dat we daar niet goed in zijn. Dat is een vak apart. Wij hebben altijd met volwassenen gewerkt en we weten exact hoe het komt, dat het niet echt lukte: onze kinderen zijn te groot en onze kleinkinderen zijn te klein. Dit volk zat er tussenin. Ze zagen ons als een weliswaar aardige maar toch opa en oma! Dat was even slikken, maar tot ons grote geluk was daar Eline, een meisje, dat haar studie zoekt in de richting van multimedia en theatervormen. Zij vond het een uitdaging om met de kinderen zelf een stuk te maken met muziek als achtergrond. Zij maakte de kinderen enthousiast, had precies de goeie toon te pakken en de kinderen hebben de hele week geheimzinnige vergaderingen en repetities gehouden. De deur dicht, ouders en andere volwassenen kregen niets te horen en het resultaat was enig. Hadden wij met ál onze muzikale ervaring nooit zo gekund. Gezond om te ervaren: je hoeft niet alles te kunnen. We weten onze plaats!


Zwitserland…….

smetteloos

Netjes, o zo netjes. Eigenlijk iets té netjes. Märklin-huisjes, -boompjes, -beestjes, -treintjes. Als je hoog zit en ver weg kijkt, vallen mensen weg, je ziet ze niet. Hoogstens een autootje of busje, geel als het de postbus is, zich langzaam omhoogwerkend naar een dorp van dertig huizen en een kerk. Keurig op tijd, want de chauffeur heeft een Zwitsers precisiehorloge. De natuur is er liefelijk en eeuwenoud. Hier en daar een bergsturz, die voor wat steenrommel zorgt, nou ja, dat moet dan maar, mooi blijft het.

We hoorden verhalen van boerendorpen, die elkaar met hooivorken het bezit van een bergpad betwistten. Vrouwen en kinderen incluis. Als gedenkteken een poortje op de plaats waar de meeste mensen in de pan gehakt waren. Een kerk, waar men in de buitenmuur doodshoofden heeft ingemetseld. Raar idee, Onkel Wilhelm als vierde van rechts. Maar je blijft wel in the picture zo. Piepkleine dorpen, waar de kerk van binnen een pracht en praal uitstraalt, waar je je over verbaast. Met muurschilderingen van eeuwen geleden, maar in prachtige staat. In elke kerk kun je zo naar binnen en anders is er een briefje dat je vertelt waar de sleutel hangt. Een collectebusje naast die deur, van harte aanbevolen, maar dat mag dan ook.

Dorpen, waar je je in de middeleeuwen waant, de mest bij de achterdeur, metershoog. De veroorzakers van die mest klingelend en schuddekontend door het dorp op weg naar hun alpenwei met honderden bloemen, die de plotselinge sneeuwlaag van vorige week dapper overleefden. De honderden jaren oude boerenhuizen, waar kabouters, kinderlijke molentjes en uitgesneden houten dierenfiguren niét misstaan, zoals ze dat bij ons wel zouden doen.

Waar je urenlange, zeer pittige wandelingen maakt, waartoe je jezelf niet in staat achtte. Kortom: we waren in Graubunden, Zwitserland. En nu weer thuis in Holland, een moordland…..