Spijtig…..

…..want eigenlijk had ik er met ingang van vandaag zo bij willen zitten. In deze heerlijke omgeving, die we na een respectabel aantal uren autorijden bereikt zouden hebben. Die uren hebben we er elke keer weer graag voor over. Jammer, maar we jammeren niet, want het is niet anders. Geen vakantie tot nu toe, hoewel…..? Ik weet soms niet meer wat voor dag het is. Heb ik in de vakantie ook en dat is geen leeftijdsverschijnsel. Dacht ik.

Misschien dat we ergens later in het jaar nog kunnen gaan kijken hoe de herfst er daar uitziet. Je weet het niet. Onze Cornwallse ‘huisbazen’ vinden het net zo jammer als wij dat we niet kunnen komen en niet alleen omdat ze inkomsten missen. Het is een rare tijd voor iedereen.

Maar niemand van ons is ziek en dat moeten we maar zo houden met z’n allen. We zien kinderen en kleinkinderen regelmatig, in de tuin en dat is fijn. Die twijfelen ook nog of er iets van hun Griekse vakantie terecht komt. We zien het allemaal wel.

Er schijnen voor thuisgebruik nogal wat opblaasbare zwembaden te worden aangeboden en wellicht ook gekocht. Dat heeft gevolgen voor het waterverbruik. Er zijn mensen die na gebruik het water weggooien en de volgende dag er weer nieuw water in doen. Niet erg zuinig.

Bij een klein kinderbadje kan ik me er nog wát bij voorstellen als er iets in terecht komt, dat de naam badwater niet verdient, maar toch. Ons water uit de kraan is behoorlijk goedkoop eigenlijk, dus het gaat meer om het sociale aspect van het gebruik, toch? Daar hoef je je bij een vakantiezwembad helemaal niet druk om te maken, hè? Dat zit al bij de prijs in.

De tuinen zien er overal stralend uit. De jonge vogeltjes hoor je piepen in de nestjes. Zo dichtbij maak je van alles mee, dat je in andere jaren vaak ontgaat. Dat is ook leuk. Elk nadeel heeft z’n voordeel…..


Invloed-rijk…..

‘k Heb eens even diep nagedacht over het woord ‘influencer’. Dat lees ik nogal eens. Iemand is een influencer. En verdient daar geld mee, soms nogal veel ook. Het schijnt een veel gebruikt marketingbegrip te zijn.

Artiesten en muzikanten beginnen er zelfs hele carrières mee. Die volg ik wel. Voor hen is You Tube geweldig als start en bij succes onmisbaar. Dat vind ik leuk. Laat ze maar influencen!

Maar soms begint iemand op You Tube video’s te plaatsen, die worden bekeken en beluisterd en als ze een beetje interessant zijn worden ze gevolgd. Ligt aan degeen die ze er op zet natuurlijk, want het gaat ook vaak, ondersteund door Instagramfoto’s, over de dagelijkse bezigheden van de persoon.

Als die ’s morgens een beschuitje eet van een bepaald merk en zegt, dat dat toch wel érg lekkere beschuitjes zijn en hij of zij een interessant aantal ‘volgers’ heeft, dan wil de beschuitjesbakker de You Tuber best wat betalen voor de reclame die hij maakt voor het product. Want dan is ie een influencer. Hopelijk gaan al die volgers spoorslags naar de winkel om die beschuitjes te kopen, denkt ie. Jonge meisjes storten zich via You Tube nogal eens als influencer op de beautysmeersels en aanverwante artikelen. Geven dan meteen maar adviezen, want daar hebben ze dan verstand van, zeggen ze. Ze smeren zelf ook en “Kijk eens hoe mooi ik ben !”

Nou, als ik, als eenvoudige smeerder op leeftijd, in het krantje van Het Kruidvat kijk en dáár al het aantal merken bekijk hoef ik niet naar You Tube voor advies. Ik ben trouwens niet te beïnvloeden, hoor. Nivea tegen de rimpeltjes en de barcode tussen neus en lippen. En dat helpt niet tot redelijk. En die barcode krijg je weg door veel te glimlachen, dat je het maar weet.

Ach, mensen, nu we weinig de deur uit komen en het moeten hebben van de reclamekrantjes die elke week op de mat vallen wordt het inkoopbeleid hier steeds eenvoudiger. We halen wat er nodig is. Gezonde spullen. Wat ik wel weer veel vaker doe: bakken! Cakes waar we een hele week mee doen. Die kopen we dus niet, maar maak ik zelf. ’n Soort coronacake eigenlijk , ja die naam komt door beïnvloeding van buitenaf…..


Normaliter…..

…..erger ik me niet zo gauw, maar de uitdrukking “het nieuwe normaal” begint me nogal te irriteren. Want het “oude normaal” was al behoorlijk abnormaal zo hier en daar, dus waar heb je het dan over? Wat is normaal? Ik noem de noodzakelijke maatregelen liever tijdelijk en tot nut van iedereen die z’n verstand gebruikt en niet ziek wil worden. En dat dan zolang als het nodig is. Om er achter te komen wat er sowieso allemaal te normaliseren valt!

Ik drink normaal per dag een paar liter bij mekaar aan water, zerofris, koffie, thee. Al dat vocht is goed voor je, zeker als je op leeftijd bent. Allemaal normaliters, mooi hè…..?


Het kapverbod is opgeheven…..!

‘k Ben nog nooit zo blij geweest dat ik naar de kapper mocht! Doorgaans vind ik zoiets een noodzakelijk kwaad, maar vandaag een regelrechte zegen. Het was namelijk erg lang geleden en dan ga ik er behoorlijk noodlijdend uitzien. Een hoop werk en versterkende middelen nodig om een en ander qua kapsel, dat die naam dan allang niet meer verdient volgens mij, er nog enigszins uit te laten zien.

We maakten altijd al een afspraak, dat kon dus weer en we waren als duo welkom, maar niet meer met z’n drieën zoals voorheen omdat er anders overbevolking dreigde in de kapsalon. Onze zoon moest een uur later. We wonen vlakbij de kapper dus wij wandelden getweeën vanmorgen vroeg derwaarts.

We mochten onze hand ophouden en kregen een beetje ontsmettingsvloeistof en dat hebben we ijverig staan inwrijven. De twee kapsters droegen een mondkapje, maar dat was voor ons niet nodig, hoewel ik er wel twee in m’n tas had, voor het geval dát. Dure dingen, 5 euro per stuk, maar wel met certificaat. Made in China, zag ik. Nou ja, alles op z’n tijd. Made in Holland komt nog wel.

Nou, en daar zaten we dan. Aan Kloris z’n baard mochten ze nog niks doen, dus dat wordt huisvlijt voor mij. Dat heb ik gelukkig al eerder gedaan, want als we dat niet bijhouden gaat ie d’r uitzien als een profeet. Ook leuk, maar bij het tondeusehoofd dat hij sinds vanmorgen weer heeft, past dat niet zo.

Bij mij ging ook de schaar erin, zodat er weer wat van een coupe ontstond na de verplichte wasbeurt, terwijl ik die thuis net zelf had gedaan, maar wat moet dat moet nou eenmaal. Ik was veel te blij met m’n knipbeurt. Ik vroeg mijn knipster hoe of ze het dragen van dat mondkapje vond. “Verschrikkelijk!” zei ze. Ze werken in ploegen, de kapsters, van 8 tot 8.

Toen ik zei, dat ik blij was dat ik nog wist hoe ze d’r uitzag, moest ze erg lachen. Dat hóórde ik, want het was niet te zien. Maar wat moet van de baas, dat moet. Bij de kapper van onze oudste dochter dragen ze geen mondkapjes dus het is overal verschillend geregeld.

Maar we zijn weer toonbaar, hebben gewandeld zonder jas, want het is lekker weer en de nieuwgeplante rozen bloeien. Morgen Hemelvaartsdag met beloofd warm weer. Als we toch al die maanden regenweer hadden gehad! Dan was het dodental meer gestegen, zeker weten. Toch nog iets gunstigs misschien, hoewel boeren het daar niet mee eens zullen zijn…..


Foetsie…..

‘k Hoorde dat er uit een haven een boot was gestolen. De politie vroeg of eventuele langsvaarders naar ‘m wilden uitkijken. De naam van de boot? De “Noorderzon”. Tja, dan vraag je d’r om natuurlijk…..


De druk…..

…..en de drukte! In de winkelstraten vooral. Persoonlijk heb ik helemaal geen redenen om te willen gaan winkelen. Die heb ik trouwens haast nooit. Ook niet toen alles nog ‘normaal’ was. Winkelen betekent in mijn beleving winkel in, winkel uit, kijken, kijken en al dan niet kopen. Wij moeten iets per se nodig hebben op een speciaal adres en als dat zich in de binnenstad bevindt, nou ja, dan komen we er. Dat is dus een rustig idee en zal zeker te maken hebben met onze gevorderde leeftijd. Dan ben je een Specsaverstype.

De foto’s die in de krant staan van die overbevolkte winkelstraten laten dan bij het winkelend publiek veel jongelui zien. Ik kan me dat wel voorstellen, ze hebben niet zo veel buitenshuisvertier. En de winkeliers zijn blij met wat drukte, want die voelen de druk van het omzetverlies. Hebben keurig en creatief gezorgd dat ze zich aan de opgelegde regels houden door looppaden en afstandsstrepen aan te brengen. En dan maar hopen dat de mensen zich d’r een beetje aan houden en zich niet in drommen komen aanbieden, terwijl de neringdoende dat nou juist prima zou vinden!

De kinderen weer naar school, maar ik las over een familie met drie kinderen, die op verschillende dagen naar school moeten, terwijl de moeder, zelf juf, geacht wordt haar werk ook weer te gaan doen. De kinderen zijn van een leeftijd, dat ze niet alleen thuis kunnen blijven dus dat wordt een hele organisatie, want vader zal ook moeten werken. Hoe organiseer je dat allemaal? Ze stonden lachend op de foto met z’n allen, maar vrolijk worden ze er niet van en het geeft veel druk.

Wij hebben geen klagen, want we hoeven niks. Het huis en de was bijhouden en wat mensen regelmatig bellen. Al weken. Zo nu en dan komen er wat kinderen en/of kleinkinderen langs. Mooi weer dus dat kan allemaal in de tuin en op afstand. Onze zoon heeft zo nu en dan wel een afspraak buiten de deur. Ook op afstand. Hij doet sowieso de boodschappen en let nog op prijzen ook. We zitten niet in een verpleeghuis en zijn niet ziek. Tel uw zegeningen. We zingen het lied niet, maar weten het wel. Geen enkele druk. De telefonische Luisterlijn, dié heeft het druk.

Mijn kloris heeft wat druk in zijn darmen en is daardoor wat winderig. Kan gebeuren als je iets nuttigt dat iets dergelijks opwekt. Dat deed ie gisteren wat luidruchtig. Toen ik er wat van zei, zo van : “Gáát het?” zei hij: “Ach, dat haalt de druk wat van de keutel….”


Missen…..

De krant, die ik in vroeger tijden vaak snel doorbladerde vanwege alle andere dingen die ik te doen had, wordt heden ten dage door mij ‘gespeld’ vanwege het feit dat ik alle tijd heb. De onderwerpen zijn uiteraard zeer vaak gerelateerd aan het virus en vandaar dat we wel blij mogen zijn met zo’n man als Henk Krol.

Zeer goed gebekt, geen mediatraining nodig, die weet ie te vinden en soms lachwekkend ook, kunnen we als ouderen veel plezier van hebben als je van goedbetaald cabaret houdt. Ik wacht met mijn oordeel verder nog even af hoe hij de Toekomst precies ziet, maar als versiering heeft ie d’r alvast een vrouwtjesmerel bij, die wel van afwisseling schijnt te houden, dus we wachten af.

Vandaag las ik een column van een journalist, die zelf thuis zit omdat ie tot een risicogroep behoort. Hij werkt dus op afstand en ziet zijn collega’s op zijn beeldscherm. Dat gaat op zich allemaal best goed en efficiciënt, maar hij mist ze toch. Als levende mensen. Even praten aan je bureau, bij de koffieautomaat, ze tegenkomen op de werkvloer. Dat soort missen duurt dus al erg lang.

Ik denk, dat veel mensen dat zullen hebben. Bij de zorginstellingen, verpleeghuizen is dat een drama, waar de mensen zo afhankelijk zijn van knuffels en aanrakingen. Niet alleen van degenen die ze verzorgen, maar juist van familie en bekenden. Verzin daar maar es wat op. Het blijft behelpen. Aan dat missen gaan ook mensen dood zonder coronavirus, daar ben ik zeker van.

Weet je, toen we met pensioen gingen, alweer bijna twintig jaar geleden, hebben we het werk dat we deden eigenlijk niet zo gemist, tenminste ik persoonlijk niet. Ik miste wel de mensen. De collega’s en de mensen voor wie we werkten en waar we onze motivatie en energie uit haalden als we zagen dat het ze beter ging. Natuurlijk was het niet altijd rozengeur en maneschijn, maar dat zie je wel vaker. Heel menselijk is dat…..!


Lintje…..

Onze zoon zag vanuit zijn kantoor de burgemeester ( met ambtsketen !) zijn auto parkeren naast de onze. Hij stapte uit, had bloemen bij zich en liep tussen onze huizen door naar de voordeur van de “gelukspoppetje-familie”, waarover ik al eerder schreef.

Onze buurman, lazen we in de krant, heeft een lintje gekregen! Waarschijnlijk niet al opgespeld, want zo dichtbij mag ook een burgemeester niet komen natuurlijk, maar het was omdat hij al 23 jaar verbonden is aan de vrijwillige brandweer. Hij is daar hoofdbrandwacht en nu dus Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

Daar feliciteren we hem natuurlijk mee. Met de lintjesregen hebben we niet zoveel, maar het is best goed als mensen worden beloond voor hun meestal vrijwillige inzet voor de gemeenschap. Dat zoiets ook eens wordt gezien. Van ons had ie ook wel Ridder mogen worden, maar we hebben hier in de buurt al genoeg ridders zonder lintje, dus da’s niet zo erg. Hij is eigenlijk ook nog veel te jong voor het Ridderschap, dat zijn vaak ouwe knarren. Dat komt dus nog wel.

En onze dochter heeft ons toepasselijk voorzien van oranje tompoezen! Er lag trouwens in onze voortuin gisteren een zwart-witte poes te pitten. Zag er zo schattig uit, we hebben hem niet weggejaagd en hij zal ook wel geen Tom heten…..


Burengerucht…..

Dat is een woord dat doorgaans alleen maar verbonden wordt met ergernis. Nou, dat gaat bij ons in de buurt niet op, hoor! Onze achterbuurvrouw werd gisteren 80 en haar familie heeft een draaiorgel met verjaarsrepertoire voor haar besteld ! Opeens een parkeerplaats vol met vrolijke klanken!

De jarige is een rasechte Amsterdamse en daar hoort natuurlijk een draaiorgel bij. Jammer, dat er geen paard voor stond, zoals vroeger de orgelman had, die bij ons door de Amsterdamse straten kwam.

Alle buren stonden buiten in de zon, zongen allemaal mee en het hiep-hiep-hoera! klonk geweldig! Buurvrouw danste met de muziek mee en was heel blij met de verrassing. De familie had ook de tuinpoort versierd, het zag er feestelijk uit. Zo wil je wel tachtig worden! En nog veel jaren meer ook.

Leuk, hoor, om zoiets te verzinnen. Gezellige orgelman ook. Als laatste boek draaide hij “Walk on, walk on, with hope in your heart!” Nou, toepasselijk of niet? “Fijne dag verder!” riep ie, toen hij wegreed met zijn door een pruttelende motor aangedreven draaiorgel. Hij hoeft niet meer zelf te draaien en een paard pruttelt niet. Voor alles is een tijd. Soms wel tachtig jaar.

Leuk burengerucht…..!


Bevrijd…..

Nee, bevrijd van de beperking van onze bewegingsvrijheid dat zijn wij nog even niet. Maar op 17 april 1945 werd Apeldoorn door de Canadezen daarvan wél bevrijd. Er hangen dan ook Canadese vlaggen in onze straat omdat het einde van de bezetting van onze stad en omgeving, 75 jaar geleden, wel herdacht moet worden natuurlijk.

Als je de verhalen leest over hoe dat ging en hoe er gevochten is, ook bijvoorbeeld in het gebied, waar nu de wijk De Maten ligt, ging dat allemaal niet zonder slag of stoot. Het heeft veel levens gekost. Canadese levens ook. Dat mag dus best herdacht worden. Er zijn nog maar weinig veteranen over uit die tijd.

Veel oude mensen vertellen, dat de huidige coronabeperkingen hen doen denken aan die tijd. Het was toen niet handig om de straat op te gaan om eens even te gaan kijken hoe het er voor stond met die bevrijding. Maar toen ze met tanks over de Deventerbrug aan kwamen daveren de Canadezen was het hek van de dam! Onze overbuurman met z’n Canadese vlag heeft dat vast zelf meegemaakt.

Wij niet. Kloris was in Friesland, waar het naar hij vertelt relatief rustig was. Maar hij had op een gegeven moment als zesjarig jongetje wel een Canadese vriend, soldaat Jack, aan wie hij goede herinneringen heeft. Ik woonde zelf in Amsterdam, dat toen nog niet bevrijd was.

Wij moesten nog wachten tot mei. Maar ook de intocht via de Berlagebrug weet ik nog goed! De hongerwinter van ’44 herinner ik me nog heel goed. Naar school gaan was zeer onregelmatig. Dan weer hier dan weer daar. In mijn school zaten Duitsers. Kinderen waren vrij en konden aardig hun gang gaan.. We zochten elkaar op en speelden. En we zongen veel: “Op de grote stille heide” en “In ’t groene dal”, dus keurig repertoire waar je eenvoudig de tweede stem bij kon zingen.

En mijn ouders waren eigenlijk voortdurend bezig met het verzamelen van voedsel. Ik weet nog, dat ik met mijn moeder door de stad liep met een kinderwagen zonder kind er in, maar wel met de kap omhoog en opgemaakt alsof dat wel zo was. We waren op weg naar het Centraal Station, waar mijn broer, die ‘uitgezonden’ was geweest naar een familie in Drente, op het perron zat te wachten gezeten op een soort zak, waarvan iedereen dacht dat het zijn kleren waren. Maar het waren aardappels, die hij meegekregen had van zijn pleegfamilie. Mijn moeder wist dat kennelijk, waarom anders die kinderwagen? Ik vond het wel spannend eigenlijk. En mijn broer was er dus weer.

En toen was de oorlog voorbij. Er moest veel opgebouwd worden en niet alleen huizen en gebouwen. Nee, een heel land, dat geordend moest worden en dat moest gebeuren door kundige mensen, eerlijke mensen met verstand van zaken. Letterlijk. Mijn vader had een soort spaarpot in de vorm van het hoofd van minister Lieftinck van Financiën op zijn bureau voor “Het tientje van Lieftinck” waar iedereen na de oorlog weer mee moest beginnen!

Als de coronacrisis voorbij is, moet zoiets misschien wel weer. Wel ’n beetje vergelijkbaar, toch…..?