Hé, hoe gaat ’t met jou….?

hier hebben we d'r zo'n 40 van gezien....

Een reüniedag van onze oude werkkring vandaag. Ze bestonden 45 jaar. Elke 5 jaar wordt een lustrum herdacht en kijken we wie van onze klanten uit de 28 jaar, dat we er hebben gewerkt, aanwezig is en hoe het ze vergaan is. Als ze in staat zijn de reis naar Apeldoorn te maken hebben wij ons werk als revalidatiecentrum so wie so goed gedaan.

Veel mensen gezien vandaag en de meesten waren ook blij om ons te zien. Dat is natuurlijk leuk, want meestal is het toch zo, dat de mensen niet in de beste periode van hun leven een revalidatieprogramma doormaken. Er zijn er veel, die als de boel eenmaal op de rails staat, die periode in zo’n centrum liever vergeten als zijnde een gepasseerd station.

Maar gelukkig zijn er ook veel mensen, die warme vriendschappen opbouwden met mensen, die in hetzelfde schuitje zaten en elkaar in een heel moeilijk proces onvoorwaardelijk tot steun zijn geweest. We hebben heel vaak gehoord vandaag als je vroeg: “Hoe gaat ‘t?”: “Goed!”. En dat is mooi. Ook als soms het gezichtsvermogen in de loop van jaren achteruit was gegaan of zelfs geheel verdwenen. Ze zijn sterk genoeg gebleken om dat te dragen.

De gebouwen zijn tegenwoordig zeer praktisch en modern ingericht, moeten ook voldoen aan veel eisen en regelgeving. We hoorden dan ook, dat men het vroeger “gezelliger”vond. In onze tijd dan, hè! Dat is natuurlijk vleiend, maar men vergeet de ongelooflijke hoeveelheid geld, die de inefficiëntie in die tijd gekost moet hebben. Revalidaties van twee, drie jaar waren geen uitzondering. Tegenwoordig heeft men blokken van 18 weken, die weliswaar verlengd kunnen worden, maar dat is wel andere koek. (Koek bij de koffie is er trouwens ook niet meer vandaag de dag.)

Wij hebben meegemaakt, dat de instelling het hele weekend openbleef, omdat er van de bezetting van 69 revalidanten een mannetje of 6 niet naar huis ging. Omdat ze nog niet alleen konden reizen, omdat er thuis geen opvang was óf omdat ze het daar gewoon niet zo gezellig hadden als bij ons! Dus verwarming aan, licht aan, begeleiders, die weekenddiensten draaiden en dus dubbel moesten worden betaald, de kok, die kwam koken voor dat handjevol mensen. Dat er een eind is gekomen aan deze geldverslindende toestanden was meer dan noodzakelijk om de gezondheidszorg betaalbaar te maken, maar gôh, wat was het toch gezellig toen……!


Kindermishandeling voorkomen…….

ik ben al mooi van mezelf....!

Een driewerf hoera voor mijn kapper! Daar vertelden ze vanmorgen, dat er gisteren een moeder was geweest, die haar vierjarig zoontje wilde laten blonderen! Vond ze wel leuk staan. De kapsters hadden de behandeling geweigerd en moeder had zeer boos het pand verlaten! Klant kwijt.

“Zulke klanten kunnen we missen als kiespijn”, zei één van de kapsters vanochtend, toen ik me liet kortwieken. Verder ging de conversatie, zoals gewoonlijk, over “hoe had u het gehad willen hebben?”, het weer, de vakantie, én over voetbal natuurlijk! Maar dat is niet erg. Mijn dag kan niet meer stuk…..


Cadeautje…….

uiltje.....

Een oud-collega van ons spaart uilen. Daar heeft ze wat mee, want ze is een natuurmens. Het zijn natuurlijk geen echte uilen, die ze verzamelt, maar beeldjes. Ze heeft hele bijzondere ook. Omdat ze vandaag jarig was en het nog een bijzondere verjaardag was ook, want ze werd vijfenzestig, waren we uitgenodigd om dat te komen gedenken. Toen ik bij onze bloemist een mooi wit stenen uiltje tegenkwam, dacht ik meteen:”Ja, dat vindt ze leuk!”. Nog staan dubben, want er was een kleine, maar ook een grote, die vanzelfsprekend een stuk duurder was. Maar kom, een mens wordt maar één keer vijfenzestig, dus het werd de grote. Mooi cadeau, vonden we zelf.

We hadden een schriftelijke invitatie ontvangen met een routebeschrijving naar haar vakantieverblijf, dat zich tussen Apeldoorn en Dieren op een camping bevindt. Ze heeft daar een luxueuze stacaravan, waarvan menigeen zou willen, dat het zijn woonstek was. Daar doet de provincie Gelderland tegenwoordig trouwens zéér moeilijk over! Geen permanente bewoning meer op als recreatieplek bedoelde adressen. Dus ontving onze collega haar visite aldaar uitsluitend om thuis geen rommel te hebben en bij mooi weer is het er zeker niet verkeerd!

Toen wij arriveerden was er al heel wat bezoek aanwezig. We kregen koffie, we kregen taart en we overhandigden ons cadeau. De jarige pakte het uit en voordat ze iets had kunnen zeggen riep één van haar zusters: “Zo, nou heb je weer wat af te stoffen!”. Iedereen lachen, men vond het een leuke opmerking. Ik niet , want nou weet ik dus niet of ze het eigenlijk wel léuk vond! Ik ben echt niet zo’n gevoelig tiepje, hoor, maar de uil werd midden op tafel gezet en men ging over tot de bowl en de borrelnoten. Volgend jaar krijgt ze een kaartje. Hoeft niet afgestoft en het kan nog bij het oud papier ook…..of ben ik nou te pietluttig? Ja, denk ik, gaat wel weer over…….


Valt er nog wat te lachen tegenwoordig…..?

moppenschaarste.....

Als je zo’n figuur als Brandsteder aan het werk ziet, geloof je er niet meer in. In leuke moppen, bedoel ik. Ik heb hier in huis wel altijd geprobeerd het niveau onder contrôle te houden en enige criteria aan te leggen. Om te beginnen moet een mop geestig zijn en niet al te makkelijk. Je mag er best moeite voor doen.

Vunzige bakken, daar zit ik niet op te wachten, die vertellen ze maar in de kroeg. Ietwat schuin kan soms aardig zijn als ze maar intelligent blijven, hoewel dat vaak een probleem is. Ik bedoel maar te zeggen, dat ik wel tegen een stootje kan. En woordgrappen vind ik bijna altijd leuk.

Mijn echtgenoot was vroeger echt een moppentapper. De aanvoer is wat minder tegenwoordig door gebrek aan collega’s op het werk, maar hij kan het nog. Hij heeft menig verjaarsfeestje gered door in vallende stiltes te roepen: “Kennen jullie die van die….”en dan kwam de categorie. Ambtenaren, pastoors, dokters, vrouwen. Van de ene mop kwam de andere. Ja, ik kende ze op ’t laatst natuurlijk wel, maar vergeet ze ook erg makkelijk. Heb ik met films ook. Erg handig.

Is er eigenlijk nog een moppencircuit? Na rampen en andere minder leuke gebeurtenissen doen er ineens allerlei moppen de ronde. Zal de geest(igheid) van de tijd wel zijn. Allochtonenmoppen is ook een categorie. Waar je trouwens mee moet uitkijken, want ze verslijten je zo voor racistisch! En dat is dan niet leuk. Ik heb er, alweer een tijdje geleden, een gehoord, die ik erg leuk vond en die zonder meer moet kunnen.

Het ging over buren, die gezamenlijk hun huizen stonden te bekijken. Zegt de Turkse buurman tegen de Nederlandse: “Mijn huis is veel meer waard dan het jouwe!”. “O ja?”, zegt de Nederlander, “ik heb anders net een nieuwe badkamer laten aanleggen, mijn garagedeur gaat electronisch open en niet om het een of ander, maar mijn tuin ligt er toch aardig wat mooier bij dan de jouwe!”. “Jawel”, zegt de buurman, “maar ík woon niet naast een Turk!”. Van een Turk gehoord, hoor, die mop!

Er staan soms ook erg leuke tekeningen in onze krant, politiek of soms over een gepubliceerd onderzoek of zo. Die van vandaag was geestig, ietwat hellend. Onder de kop:”Carrièremaken schaadt het sexleven” zie je een stel op de rand van hun bed zitten, terwijl de vrouw in haar agenda bladert en zegt:”ik zal eens even kijken of we nog een gaatje kunnen vinden!”. Dat vond ik nou leuk, dus dat is mijn niveau zo’n beetje…….. Is dat zorgelijk?


Je bent klein en je wilt wat…..

de beentjes genomen.....

Een mevrouw hier in Apeldoorn heeft haar tuin vol staan met kabouters. Maar sinds kort mist ze er een. Dat was haar eerst niet eens opgevallen, want in een tuin zo volgeladen mist men één kabouter niet. Het was geen dure, gewoon een huis-tuin-keuken-kabouter van de Blokker of zo.

Maar sinds enige tijd ontvangt mevrouw post van haar kabouter. Hij is op reis! In zijn afscheidsbrief schreef hij: “Ik heb de beentjes genomen. Ik ga op reis en jullie horen nog van me. Tot ziens. De kabouter”.

Op 5 mei schreef hij, dat hij bij De Naald (een soort monument.red.)was om de vrijheid te vieren. Op 11 mei was er weer een brief en nu zaten er ook foto’s bij. Hij was donderdagavond in de binnenstad aan ’t shoppen geweest tijdens de koopavond en vrijdags was ie naar de voetbalwedstrijd AGOVV-Emmen geweest. Je kunt veel van ‘m zeggen, maar sportief is hij wel! Hij was zelfs naar Beekbergen gewandeld, maar toen hij de bus terug naar Apeldoorn wou nemen, was hij niet gezien door de chauffeur en had ie het hele end terug moeten lopen. Hij was meteen doorgegaan naar het politiebureau om aangifte te doen wegens “lengte-discriminatie”. Maar de politie had hem niet serieus genomen! Bij alle locaties had de kabouter zich op de foto laten zetten. In een volgende brief verhaalde hij over zijn avonturen in kinderparadijs Malkenschoten en hij was ook in zwembad Malkander geweest. Weer geen succes, want ze hadden geen zwembandjes in zijn maat.

Toen hoorde de familie een poos niks, maar hoe dat kwam legde hij uit in een volgende brief. Hij had in het Röntgen Café een behoorlijke kater opgelopen. Een foto toonde hem, staande onder de tap.”Dat heeft me de das omgedaan”, zei hij.

De kaboutermevrouw heeft ondertussen geen idee, wie haar in deze zomerse dagen zo leuk bezighoudt. De brievenbus wordt elke dag met spanning in de gaten gehouden, want ze wil natuurlijk wel weten hoe het haar kabouterkind in de grotemensenwereld vergaat. En of ie nog terugkomt! De kans, dat hij onder de voet gelopen wordt is natuurlijk groot, maar zo te horen is ie voor geen kleintje vervaard………


Stemwijzen……

stembureaucratisch...?

In één van de wijken hier in Apeldoorn, De Maten, gingen gisteren drie stembureaus later open dan om half 8 ’s morgens. Dat kwam omdat in de scholen, waarin ze gevestigd waren, posters hingen met de mededeling, dat er besmettelijke ziektes rondwaarden onder de leerlingen. O.a. roodvonk en de zogenaamde vijfde kinderziekte. Deze laatste schijnt voor zwangere vrouwen een weliswaar beperkte (maar toch) kans op een miskraam te geven.

De ambtenaren, die het stembureau zouden bemannen die dag, zagen de posters hangen en besloten de GGD te bellen. Die was niet bereikbaar op dat vroege uur. Een uurtje later wel en de dienst verklaarde, dat er niks aan de hand was, het betrof alleen een mededeling voor ouders in geval dat een kind ziekteverschijnselen zou vertonen. De bureaus konden gewoon open.

In de krant stond een reactie van de GGD-arts. Hij had een beetje moeten lachen om de commotie en de bezorgdheid van de stembureaumensen wat overdreven gevonden. “Je kunt in een winkel van Albert Heijn ook een ziekte oplopen”, zei hij. Hij kan het weten, want hij heeft ervoor gestudeerd.

Ik vind de handelwijze van de stembureaumedewerkers erg correct en zorgvuldig. En in het belang van Europa, nou ja, een heel klein stukje dan…….


Goed gedáán, jochie….!

het begin is er.....

Onze kleinzoon Stijn heeft deze week de avondvierdaagse gelopen in Beekbergen. Hij is vier jaar dus de afstand voor hem was drie-en-een-halve kilometer per avond. Dat is best een heel eind als je nog van die korte beentjes hebt! Die kleintjes moesten een begeleider hebben dus z’n moeder liep met ‘m mee.’

En vanavond was “de intocht”. Tegenover het huis van onze dochter en haar man is een parkje en laat daar nou net de finish zijn! Erg leuk voor de grootouders van beide kanten. Tegen de tijd dat de lopers en lopertjes bij het eindpunt werden verwacht verzamelden de belangstellenden zich, met bossen bloemen in de aanslag, aan weerszijden van de weg. De “Via Gladiola” in Nijmegen was er niks bij! De fanfare was er, een doedelzakband, een caravan van de EHBO voor de eventuele blaren, het was helemaal compleet.

Speciaal voor deze gelegenheid klaarde het weer van regenachtig op naar hartstikke zonnig, mooi voor vaders met camcorders, zoals onze schoonzoon. Het was een leuk feest.

Bij aankomst straalde onze kleinzoon van oor tot oor. Hij had snoep gekregen bij de finish, van ons ’n grote bos bloemen, want dat hoort natuurlijk bij zo’n prestatie ( en vooruit, ook ’n klein bosje voor z’n moeder, die er vermoeider uitzag dan hij en verzuchtte, dat ze toch minder conditie had dan ze had gedacht!) en dan die medaille! Op z’n shirt gespeld, die was natuurlijk het mooiste!

Zo, mensen, de basis is gelegd voor een sportieve carrière. Hij weet nu, dat je wat moet doen om medailles binnen te halen. Dan moet, ik noem maar wat, Roland Garros toch ook tot de mogelijkheden behoren. Hij zit al op kleutergym……


Avonturen op de tandem….

doffe ellende......

Wij zijn door de jaren heen in diverse periodes in het bezit geweest van een tandem. De Zeeuwen zeggen : “een anmekaerefiets”. En dat is het. Omdat mijn man het daarvoor benodigde zicht mist moest ik wel voorop als stuurvrouw. Ik ben daar totaal ongeschikt voor. Ik ben te klein, te onhandig, te bang en te onsportief. Toch hebben we het wel geprobeerd op de tandem, je moet tenslotte alles een kans hebben gegeven in het leven en als het goed gegaan was, hadden we er een leuke hobby bijgehad met z’n tweeën, want mijn man is wél sportief.

Hij heeft dus niets aan mij als het op tandemen aankomt. En eerlijk gezegd: ik gun het de buurt ook niet! Want ons “opstappen”is al een circusnummer op zich. Mijn achteropzitter roept: “één, twéé, já!!!”, maar dan ben ik zover nog niet of de trappers staan nog niet goed of ik glij weer van het zadel af. Bovendien heb ik altijd een stoeprandje nodig met mijn korte benen.

Als we eenmaal rijden, dan zie ik in de verte een stoplicht opdoemen. En dat staat dan op rood. Dat betekent stoppen en dan begint het gedonder van dat opstappen weer van voren af aan! Mijn man kan met zijn langere benen kapseizen wel opvangen, maar ik voel me gestresst, ongelukkig en bepaald niet ontspannen een fietstochtje maken. Dat is ook niet leuk voor hem natuurlijk. Eén keer is het wel goed gegaan, maar dat was de keer dat we na een gezellig avondje bij kennissen ’s nachts door een verlaten stad kwamen, alle stoplichten in de knipperstand en wijzelf ook zo’n beetje. Toen waren we snel thuis, weet ik nog , maar dat is er nooit meer van gekomen. Daarom hadden we op een gegeven moment zomaar ineens geen tandem meer.

Maar nu staat er een racetandem in de schuur! Daar is mijn man op voordelige wijze aangekomen. Hij heeft ‘m laten reviseren en heeft een aardige voorrijder gevonden. Ik heb ze net uitgezwaaid. Daar ziet ie niet zoveel van, maar het is het idee, hè? ’n Racetandem, daar hoef ik dus lekker niet op! Zou geen gezicht zijn ook. Ik ben blij, voor mijn sportieveling, maar ook voor mezelf, ik ga even het nieuws kijken…….kopje koffie d’r bij……


Kam-pioen……

deze soort is 't  dus....

De pioenroos in onze tuin bloeit zo prachtig! Ik vind dat geweldige bloemen, ook van formaat. Ze gaan gebukt onder hun eigen gewicht en je moet ze steunen. Ik ben er op een aparte manier aan gekomen, aan die plant. Het is namelijk een herinnering aan de prachtige border op mijn werk, die op een kwade dag rigoureus werd verwoest.

Voor het gebouw, waarin ik mijn lokaal had, lag namelijk een mooi gazon, omzoomd door een border met gele, witte en roze bloemen. Die roze, dat waren dus de pioenen. Op een dag besloot “hoger hand”, dat er paden verlegd moesten worden op het terrein. Om de ingangen van het gebouw logischer bereikbaar te maken voor onze blinde en slechtziende klanten was dat op zich niet zo’n gek idee. Daarvoor moest de bloemenborder sneuvelen, vond men.

Persoonlijk denk ik, dat het ook wel goed uitkwam, want het stónd wel mooi, maar vergde ook nogal wat onderhoud. Over een grasveldje jaag je een motormaaier zo nu en dan en klaar is Kees. Goedkoper dus.

De docenten in het gebouw wisten van niks, we werden overvallen doordat op een ochtend een shovel verscheen, die in één keer het hele zaakje omploegde. Zwarte grond en wég was ook de border. Niet de planten uitgegraven en ergens anders neergezet, niet gevraagd: “Wie heeft er belangstelling voor?”, nee, gewoon ondergeshoveld.

We waren bedroefd over het verlies van ons mooie uitzicht, waar inderdaad, daar kun je niet omheen, onze klanten niet zoveel aan hadden. De paden kwamen er, doorsneden een nieuw aangelegd grasveld, want een gazon kon je het niet meer noemen en het was praktisch. Mijn pad was “afslag 2” van het hoofdpad.

Op een ochtend kwam de tuinman, die wist hoe erg ik het allemaal had gevonden, met een geheimzinnig gezicht m’n lokaal binnen en zei: “Kom es even mee!”. Had ie ergens onder de heg een pioenplant gevonden, die de aardbeving had overleefd! We hebben ‘m liefdevol op een vuilniszak in de achterbak van mijn auto gelegd en toen ik thuis kwam heb ik ‘m in de tuin gezet.

Hij heeft me een jaar op bloemen laten wachten, maar sindsdien is het elk jaar feest! Hij heeft ’t naar z’n zin en voor mij is het een stukje teruggevonden uitzicht van vroeger…….!


Oud nieuws…….

kleurig....!

In de bus naar Zwitserland laatst zag ik er onderweg kinderen mee bezig. Met kunststof draden waren ze aan het knopen. Leuke kleurtjes en het moesten armbandjes worden. Maar ze hadden ook al sleutelhangers gemaakt en andere kleinigheden. Verslááfd waren ze volgens eigen zeggen! En het was een hype.

Nou zie ik kinderen graag handvaardig bezig. Iets máken is gewoon leuk. De techniek heet “scoubidou”, maar ik dacht: “Verhip! Dat is toch macramé?”. Op kleine schaal, maar toch.

Ik heb ooit nog eens een heel vliegengordijn geknoopt voor onze keukendeur. Pijn in m’n vingers van het ruwe sisaltouw. Wat dat betreft is scoubidou (dat was toch een tekenfilmhond? Of nee, die heette Scoobydoo, héél anders dus!) wat vriendelijker, maar het materiaal: 50 “touwtjes” voor tussen de 5 á 6 euro is wat minder vriendelijk voor de portemonnee. Maar je moet er wat voor over hebben als je kroost niet voor de tv hangt, maar knutselt. Een scoubidou-halsband voor Scoobydoo bijvoorbeeld…….

klinkt als......